Het einde van het realisme 

 

Ik ben een optimist. Een echte. Ik geloof erin dat er altijd oplossingen zijn. In deze tijd van de schijnbaar eindeloze rij aan crises voel ik me gezegend met die overtuiging. Want zoals Henry Ford gezegd schijnt te hebben: of je nou denkt dat het kan, of dat het niet kan, je hebt altijd gelijk. Sommige mensen zeggen tegen mij: maar je moet toch realistisch zijn? Mijn antwoord: juist niet! Dan krijg je wat redelijkerwijs te verwachten is. Terwijl er zoveel méér kan. 

 

Het onmogelijke doen 

Een voorbeeld is de prijsvraag de XPRIZE. Initiatiefnemer Peter Diamandis loofde in 1996 een prijs uit  van 10 miljoen dollar voor het team dat in staat was om een herbruikbaar spaceship te bouwen. Toenmalig journalist Steven Kotler ging bij NASA experts langs, die waren eensgezind: het is misschien wel mogelijk, maar het kost decennia, miljoenen en teveel menskracht om rendabel te zijn. Acht jaar later lukte een team het met 30 mensen, voor 25.000 dollar. Nou is het de vraag of dat de wereld er beter van geworden is, maar het demonstreert: er is veel meer mogelijk dan de meeste mensen denken, als je je maar een doel stelt (en doorzet). 

 

De verlammende werking van realisme 

Kun je je voorstellen hoeveel mensen er een oplossing hebben gewenst voor een probleem op de wereld, maar er nooit serieus over na hebben gedacht? Of die misschien wel een idee voor een oplossing hadden, maar het niet hebben uitgewerkt? Of het wel hebben uitgewerkt, maar het niet hebben uitgevoerd? Allemaal omdat ze dachten (bewust of onbewust) niet realistisch was. De meerderheid heeft nooit echt een poging gewaagd. 

 

Van wild idee naar werkelijkheid 

Voordat doorbraken doorbreken, lijken het absurde ideeën. Een voorbeeld is The Ocean Cleanup. 16-jarige Boyan Slat zag tijdens het duiken zoveel plastic in zee dat hij er iets aan móést doen. Niet gehinderd door enige realiteitszin startte hij. Jaren (en vele mislukkingen) later is het een succesvol project: er is vandaag de dag 5,540,643 kilo plastic uit zee en rivieren gevist. Dat is enorm. Grensverleggend voor mijn gedachten over wat er mogelijk is. Absurde ideeën gaan waarmaken is wat we nodig hebben. 

 

Collectieve plicht? 

Kijkend naar de vele uitdagingen waar we als mensheid voor staan, dan vind ik: realisme is failliet. En optimisme geen luxe meer, maar noodzaak. Ford’s adagium volgend: we moeten leren geloven om de boel op te kunnen lossen. Optimisme als morele plicht. Zodat íederéén gelooft in dat het kan, en alleen daarom gaat werken aan een deel van de oplossing. Ik heb ooit in een wetenschappelijk artikel gelezen, dat motivatie bestaat uit twee delen: iets willen, en geloven dat het kan. 

 

Een nieuw vak 

Want zeg nou zelf: we moeten dit niet overlaten aan de eigen neiging tot soulsearching van mensen. Zes jongeren in Portugal, van tussen de 11 en 24 jaar oud, zijn een rechtszaak gestart tegen 32 overheden met een aanklacht tegen foltering door hun nalatigheid tegen het klimaat. En ze hebben een kans ook nog. Het signaal is duidelijk: we kunnen we niet meer blijven doen wat we doen, we moeten dingen radicaal anders gaan doen. En daarvoor moeten we meer leren geloven. En organisaties doen zeker wat, sommigen echt heel veel, maar het moet nog veel en veel meer. Alleen met geloof en doen kan dat. Lang leve onrealistisch optimisme! 

 

Sylvie van den Meerendonk, co-fouder bij Generous Mountain 

 

PS XPRIZE heeft weer nieuwe prijzen uitgeloofd, zoals 11 miljoen voor het oplossen van bosbrand. Wie maakt ze los?